490 |
Glyptodonten |
![]() |
De Glyptodonten (familie Glyptodontidae) behoren tot de oudste Placentale zoogdieren: de Xenarthra.
Veel skeletten van de Glyptodonten zijn gevonden in Zuid-Amerika en het zuiden van Noord-Amerika, waaronder die van de Doedicurus - met name in de Esenada-formatie in Argentinië. De Glyptodonten waren verwanten van de hedendaagse gordeldieren en waren zo groot als een kleine auto: 3-4 meter lang, circa 1,5 meter hoog en ongeveer een ton zwaar. Glyptodonten stierven pas een paar duizend jaar geleden uit, dus hun overblijfselen zijn nog heel goed bewaard. |
![]() |
![]() |
De glyptodonten waren trage grazers van de savannes van Zuid-Amerika. Ze hadden grote maalkiezen en krachtige kaakspieren voor het kauwen van grassen en andere taaie planten.
Hun grote koepelvormige en 5 cm dikke rugpantser, bestaande uit talloze kleine hoornplaatjes, was bij de randen flexibeler omdat de hoornplaatjes daar in rechte lijnen lagen en niet aan elkaar vastzaten. Een belangrijk kenmerk van de Glyptodonten waren de extra gewrichten tussen de wervels, de rug van het dier versterken. Daardoor konden zij zulke enorme pantsers dragen, maar hun rug was daardoor wel minder buigzaam. Toen in het Plioceen de landengte van Centraal-Amerika tot stand kwam, behoorden de glyptodonten tot de diersoorten die de tocht naar het noorden maakten. Leden van de geslachten Glyptotherium en Glyptodon bereikten zo Centraal-Amerika en de zuidelijke Verenigde Staten. |
Toen Noord-Amerika samensmolt met Zuid-Amerika bleven de Glyptodonten floreren in Zuid-Amerika, maar gingen geleidelijk ten onder met de rest van de megafauna. Overleveringen geven aan dat ze er nog waren toen de eerste mensen in Zuid-Amerika aankwamen, maar dit kan puur gebaseerd zijn op hun indrukwekkende overblijfselen. De Glyptodont Doedicurus uit Patagonië had een opvallende staart. Deze was van massief bot met aan het uiteinde een soort ronde littekens waar de punten van hoorn hebben gezeten. De staart was een machtig wapen tegen roofdieren, maar werd ook gebruikt bij gevechten tussen rivaliserende mannetjes. Er is een Doedicurus-pantser gevonden waaraan te zien is dat ze hun staart als wapen gebruikten, omdat er deuken in zitten die precies bij deze punten passen. Onbekend is of vrouwelijke dieren ook zo "zwaar bewapend" waren. Veel skeletten van Glyptodonten zijn gevonden in Zuid-Amerika en het zuiden van Noord-Amerika, waaronder die van de Doedicurus - met name in de Esenada-formatie in Argentinië. De Doedicurus (= Stamperstaart", waarschijnlijk omdat van de benige staart de punten niet bewaard zijn gebleven en daardoor op een stamper lijkt) was 4 meter lang en 1,5 meter hoog. Het was een herbivoren en leefde van alle vegetatie die het tegenkwam en groef mogelijk ook naar wortels en knollen. Laatst bijgewerkt: 07-11-02 |