1613 |
Pre-dynastische culturen (ca. 3000 - ca. 2200 v. Chr.) |
![]() |
Koninklijke Zonen van de Hemel De vorsten van het Oude China kregen vanuit de Hemel hun opdracht om te regeren. ZIj waren geen gewone, doch goddelijke mensen en ze waren de bemiddelaars tussen hun bovenaardse vader, de Hemel, en de wereldlijke macht, genaamd "Onder de Hemel". Dit idee van een grote macht in de hemel, die aan een bijzonder achtenswaardige man en zijn opvolgers het recht verleende om over alle mensen te heersen, verdwijnt in de prehistorische nevels, die het begin van de Chinese geschiedenis verhullen. In oude legenden over vreeswekkende natuurgoden wordt ook verhaald van de eerste koningen, de ware "Zonen van de Hemel". Zij waren de aartsvaderen, de stichters van de Chinese volkeren van het verleden. In bewaard gebleven fragmenten van oude literatuur worden ze beschreven als spruiten, voortgekomen uit het samenzijn van aardse moeders met de hemelse godheid, wiens macht bleek uit de donder, wiens majesteit voorgesteld werd door de zon en wiens welgezindheid zich openbaar maakte in de vruchtbaar makende regen. Alleen een afstammeling van de hemelgod, de bron van alle vruchtbaarheid, kon aanspraak maken op wettig koningschap. De eerste "Zonen van de Hemel" waren, naar men geloofde, begiftigd met buitengewone geestelijke macht die zij van hun hemelse vaderen gekregen hadden. Deze felbegeerde bovenaardse macht schiep de mogelijkheid tot een erfelijk, heilig koningschap, maar hij ging niet geheel intact van generatie op generatie over. Langzamerhand nam hij af, totdat er tenslotte een koning, die deze macht in het geheel niet meer bezat, de troon erfde. De Hemel trok dan zijn opdracht in en begiftigde er dan weer een held van een ander geslacht mee. Men zegt dat het verhaal van het koningschap begint met Jau, een van de oudste en meest legendarische heersers van de begintijd. Volgens de mythe van zijn stam was hij een gepersonifieerde berg, die al ontelbare jaren lang uitrees boven zijn waterrijk gebied. "Wanneer men hem dicht genaderd was, dan was het lichaam van Jau als de zon: van verre gezien was het als een wolk". In latere tijden werd hij voorgesteld als een edele, doch bijzondere vorst die in prehistorische tijden heerste. |
![]() |
De meest beroemde opvolgers van Jau waren Sjoen, die naar het schijnt in feite de meester was van de olifanten die zich in de donkere wouden ophielden en Ju de Grote, die in het midden van de oerwateren droog land beschikbaar stelde als woonplaats voor de sterfelijke mensen. Men gelooft dat Ju de Grote in dit land het Xia-rijk stichtte, dat misschien rond 2000 v. Chr. echt bestaan heeft, maar hiervoor bestaat geen enkel archeologisch of geschiedkundig bewijs.
De legendarische keizer Zijn echtgenote Leizu zou de zijdeproductie hebben ontwikkeld. Huang-Ti leefde in een magnifiek paleis in de Kunlun bergen in het westen, waarin zeldzame vogels en dieren, exotische bloemen en planten voorkwamen. Huang Ti heeft een grote bijdrage geleverd aan de vastlegging van de kennis over de geneeskunde. Hij is vooral bekend van zijn Nei Jing (Klassieke werk over de Geneeskunde), dat bestaat uit Ling Shu (acupunctuur), Su Wen (simpele vragen) en Su Nu Jing (concubine van de keizer). Zijn dialogen met Ch’i Po over diagnose en behandeling zijn vastgelegd in de Su Wen. |
Huan-Ti standaardiseerde het Chinese karakterschrift.. | ![]() |
De keizer moest niets van de vroegere feodale samenleving hebben. Daarom liet hij alle boeken uit die tijd verbranden, met uitzondering van boeken over geneeskunde, orakelboeken en boeken over land- en tuinbouw. Slim genoeg hield hij van alles een exemplaar in zijn keizerlijke bibliotheek achter, maar helaas werd die door brand verwoest. Achteraf bleek dat men toch veel boeken had verstopt en oudere mensen wisten ook boeken uit hun hoofd op te zeggen. Schrijvers noteerden de teksten zodat ze niet verloren gingen. De gele keizer behaalde enkele grote militaire successen: bij Banquan in het oosten van het huidige district Zhuolu (provincie Henan) versloeg hij de wrede Yan keizer Shen Nongshi, Zijn gebied strekte nu uit van de Chinese Zee to Gansu in het westen, tot Hebei in het noorden en de Yangtze Rivier in het zuiden. Bij Zhuolu. versloeg hij Chiyou van de Miao stam. |
![]() |
De Gele Keizer zou zijn begiftigd met bovennatuurlijke talenten; tijdens zijn vroege jeugd kon hij al spreken; toen hij nog heel jong was, was hij snel van begrip en scherpzinnig; als volwassene was hij oprecht en vol begrip; toen hij zich volledig ontwikkeld had steeg hij op naar de hemel.
De Gele Keizer richtte zich eens tot Tíen Shih, de goddelijk geïnspireerde leraar: “Ik heb gehoord dat in oude tijden de mensen meer dan honderd jaar oud werden en toch actief bleven en niet afgeleefd. Maar tegenwoordig bereiken mensen slechts de helft van die leeftijd en raken dement en gebrekkig. Is dit omdat de wereld veranderd van generatie op generatie? Of is het omdat de mensheid onachtzaam wordt met de wetten van de natuur?” |
Nieuwe uitvindingen. De Gele keizer stimuleerde de ontwikkeling van nieuwe uitvindingen, zoals de Chinese maankalender, waarbij ieder jaar 12 maanden heeft, genummerd van 1 tot 12, met 29 of 30 dagen. die samen een jaar van 354 of 355 dagen vormen. In de loop van de negentien jaar werden er in totaal zeven schrikkelmaanden toegevoegd in de lente, zomer of herfst. Hiermee werden beide perioden zo goed en kwaad als dat ging gesynchroniseerd, omdat negentien zonnejaren vrijwel gelijk zijn aan 235 maan-maanden. De tijd werd ingedeeld in cycli van 60 jaren, elk met een eigen naam, waarvoor twee rijen namen werden gebruikt. De eerste rij bevatte de vijf elementen: hout, vuur, schaap, aap, haan, hond en varken. Door ieder jaar een volgende naam uit beide rijen te nemen, ontstond een cyclus van 60 jaar. Na het jaar van hout en hond volgde het jaar van vuur en varken. Het eerste maanjaar werd jiazi genoemd. Om de twaalf manen was het laatste gedeelte van de naam weer hetzelfde. Zo zijn er twaalf achtervoegsels mogelijk. Zo'n 2000 jaar geleden ontstond de gewoonte om elk van de achtervoegsels te noemen naar een van de 12 dieren uit de Chinese dierenriem of zodiak. De Chinese jaartelling wordt gerekend vanaf de Gele Koning, de eerste Chinese koning (niet te verwarren met de Gele Keizer), die gekroond werd in het jaar 2697 voor Christus. Op 8 februari 2005 om 23:28 uur begon in Nederland een nieuw Chinees maanjaar: het jaar 4702. In het jaar 4702 gaat het jaar van de Aap over in het jaar van de Haan. Ook stelde hij wiskundigen aan om een systeem te ontwikkelen voor het berekenen van lengte, inhoud en gewicht. Op militair gebied liet hij Fenghouyan reusachtige strijdwapens bouwen en voerde de militaire discipline in. Op het gebied van muziek vond Linglun de bamboefluit uit en een toonladder met 5 en 12 tonen. Ook voerde hij het slaan van munten in, en werden nieuwe vindingen toegepast in de scheepsbouw, wagenbouw, pijl en boog en huizenbouw.
Laatst bijgewerkt: 09-01-03 |