13.100 |
De Eerste Wereldoorlog (1914-1918) |
Klik hier voor het frame van de pagina |
De Eerste Wereldoorlog was de eerste oorlog waarbij landen uit de hele wereld betrokken waren, vandaar de naam wereldoorlog. Voordat de Tweede Wereldoorlog uitbrak werd hij ook wel de Grote Oorlog genoemd, al werd de naam Eerste Wereldoorlog al in 1920 door luitenant-kolonel Repington gebruikt in zijn boek The First World War 1914-18. Belangrijke kenmerken van deze oorlog waren de loopgravenoorlog, waarbij stellingen slechts ten koste van grote verliezen aan mensenlevens en materieel werden veroverd, en de introductie van wapens die de oorlogvoering een nieuw gezicht zouden geven, zoals chemische wapens, tanks, zware houwitsers (stuk artillerie, waarmee projectielen tot 30 kilometer ver konden worden afgeschoten), duikboten, en het gebruik van vliegtuigen. Daarnaast voedde onvrede onder de Duitsers over de afloop van de oorlog (gedwongen herstelbetalingen, de wiedergutmachung, en ernstige beperking van de legermacht) de aspiraties van Adolf Hitler en zijn nazi-partij, wat uiteindelijk mede de aanleiding tot de Tweede Wereldoorlog vormde. Het verloop van de oorlog 1914 was een prachtig jaar. Vooral de julimaand mocht er wezen. Aan de stranden van West-Europa vierde de burgerij onbekommerd vakantie. De wijnboeren wreven zich vergenoegd in de handen, want het warme weer beloofde een prima oogst. De Bayreuther Festspiele brachten Der Fliegende Holländer van Richard Wagner. En de Belg Philippe Thys won de Tour de France. Maar aan de hoven, in de kanselarijen en de regeringsgebouwen en op de militaire hoofdkwartieren van de Europese grootmachten was van vakantiestemming geen sprake. Daar zag menigeen de catastrofe onafwendbaar naderen. De moord op Franz Ferdinand was de aanleiding voor het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. De Donau-monarchie Oostenrijk-Hongarije wist zich gesteund door het machtige Duitse keizerrijk en zag eindelijk een aanleiding om Servië te annexeren. Duitsland zal zijn bondgenootschappelijke verplichtingen nakomen, meldde de Duitse pers. En: Rusland kan in het Oostenrijks-Servisch conflict niet werkeloos blijven toezien, luidde het in Sint-Petersburg. Op 28 juli verklaarde Oostenrijk-Hongarije de oorlog aan Servië, met de frivole oorlogszuchtigheid van seniele keizerrijken, zoals de Amerikaanse historica Barbara Tuchman het treffend uitdrukte. Een dag later bombardeerden de legers van de dubbel-monarchie Belgrado. Er trad een mechanisme in werking dat niet meer te stoppen was. Behalve de Scandinavische landen, Spanje, Zwitserland en Nederland zouden uiteindelijk alle Europese landen bij de Eerste Wereldoorlog betrokken raken (z. sneeuwbaleffect). Algemeen werd verwacht dat het een korte oorlog zou worden. Weer thuis als de bladeren vallen, was de veelgehoorde slogan. Maar het werd een ongekend lange en wrede oorlog waarvan de fronten al na anderhalve maand vast lagen. Wat volgde was een zinloze loopgravenstrijd die miljoenen slachtoffers kostte. Op één slagveld vielen bij Verdun of aan de Somme meer doden en gewonden dan bij alle veldslagen van de eeuw daarvoor samen (bij de Somme 600.000 geallieerden en 750.000 Duitsers). Slechts heel langzaam drong bij de militaire opperbevelen het inzicht door dat in deze oorlog, waarin zij de aanval nog als alleenzaligmakend beschouwden, verdedigers altijd in het voordeel waren. Aanvallers sneuvelden bij bosjes doordat snelvuur en granaatbombardementen de oude gevechts- en wapentechniek inmiddels hopeloos ouderwets hadden gemaakt.
Het was een oorlog die begon met de militaire tactieken van de Frans-Duitse oorlog van 1870. Met charges van de cavalerie, massale inzet van de infanterie en al even massale als vergeefse bajonetaanvallen. Aan Franse kant was bijvoorbeeld deze tactiek uitentreuren beoefend. De naam voor deze tactiek (het Elan genaamd) van de aanval met grote groepen infanterie in een offensieve vorm heette: Offensive de Outrance (aanval tot het uiterste). Het was ook een oorlog die zou eindigen met de tactieken van de Tweede Wereldoorlog: in deze oorlog namen tanks en vliegtuigen voor het eerst deel aan de strijd. Maar het was bovenal de oorlog die een hele generatie Europeanen uit zou roeien. In totaal vielen er bijna negen miljoen doden; wel overwegend militairen. Burgerslachtoffers waren er in deze oorlog nauwelijks, hoewel de Duitsers zich tijdens hun inval in België bijzonder rigide gedroegen tegenover de Belgische burgerbevolking. Duizenden burgers werden vermoord. De onverbeterlijke keizer Wilhelm II schreef na de oorlog in zijn ballingsoord Doorn in zijn Kriegserrinnerungen:
De Oorlog werd op de 11e van de 11e 1918 (11 november 1918) om 11 over 11 uur beëindigd. Tot de laatste minuut vielen de 'vernietigingsschoten' door de artillerie over en weer (vrede van Versailles; het volgende dispuut; aanleiding tot WO-II). Gemaakt: 16-10-04 |