3810

De elite op het achterdek

Oostinjevaarders

De elite op het achterschip genoot een comfortabeler leventje. De schipper en de belangrijkste passagiers hadden een eigen hut. Overdag leefde het gezelschap in de grote kajuit. De ruimte stond weliswaar volgepakt met bagagekisten, maar het onderkomen bood elk lid van de scheepselite meer leefruimte dan tien matrozen tezamen op het tussendek.
Voor de passagiers konden de dagen op zee lang duren. Zij hadden geen taken aan boord. De uren passeerden in ledigheid. De zusjes Helena en Johanna Swellengrebel hielden tijdens hun reis naar Nederland een dagboek bij. De jonge dames ontbaten met koffie en een beschuitje met boter en kaas. Een groot deel van de dag waren zij druk met allerlei huishoudelijke klusjes, zoals het beschermen van de kledingkisten tegen kakkerlakken. Als de meid ziek werd, hielpen zij uit noodzaak en verveling met het schoonmaken van de kajuit. 

laatst bijgewerkt: 21-03-03

Na het rijke middagmaal hielden de meisjes een korte siësta, waarna het rond vier uur tijd was voor een feestelijke middagthee met confituren, noten en amandelgebak. Daarna gingen de meisjes vissen vanuit de patrijs van hun hut. na het diner (z.) passeerden zij de avond met muziek. voor het slapen gaan organiseerden de zusjes nog een kakkerlakkenjacht, waarna zij hoopten op een rustige nacht en niet te worden gestoord door storm, zeeziekte of het geknaag van ratten aan boord.