118 Rhizopoda (Sarcodina)
Eukaryoten Protozoa Rhizopoda
Rhizopoden, of met een raar woord ook wel "Wortelpotigen" of "Wortelvoetigen" genoemd, zijn interessant vanwege het feit dat ze zich maar langzaam voortbewegen. Zij doen dit met behulp van pseudopodia (schijnvoetjes). De beestjes hebben een ding gemeen: ze bezitten het vermogen om uit hun lichaam uitstulpsels te laten komen om voedsel te pakken. Die uitstulpsels zijn er in verschillende vormen en maten en ze bewegen zich er ook mee voort. Hun voedsel pakken ze ermee, o.a. bacteriën en kiezelwiertjes en ander klein grut.
Tot de Rhizopoda behoren o.a. de Amoeben (Lobosea). Deze dierachtige eencelligen bezitten geen zweepharen, Voor de voortbeweging en voedselopname vormen ze tijdelijke uitstulpingen, zogenaamde schijnvoetjes of pseudopodiën. Sommige soorten bouwen een omhulsel van aan elkaar geplakte zandkorreltjes. Amoeben leven overwegend in waterrijke omgeving. Er zijn ook parasieten bij die leven in het darmkanaal van dieren: zij veroorzaken amoebendysenterie.

Het Amoebe-lichaampje bestaat uit een klompje slijm of protoplasma (Cytoplasma) met een of meer kernen. Er kan hier een binnenste en buitenste plasmalaagje aan ontdekken
Het entoplasma (binnenste laagje) is troebel en korrelig, terwijl het ectoplasma (buitenste laagje)
meestal helder  is. Waar het ectoplasma stevig is spreekt men van een huidje of pellicula. 
Voor de voedselopname en voortbeweging gebruiken ze uitstulpsels of pseudopodien 

suborde: Acantharia superordo: Radiolaria
Tot de subordo Radiolaria behoort de superfamilie Nassellaria
superfamilia: Nassellaria
subordo: Polycystina
superordo: Radiolaria
classis: Sarcodina
superclassis Cytomorpha
Een ander superfamilie van de Radiolaria is Spumellaria, waartoe al deze onderstaande eencelligen behoren
Gemaakt: 24-11-04

colofon