Het bewijs dat de talen van Europa, op een paar uitzonderingen na, dezelfde oorsprong hebben, werd gevonden in een oude, verre taal uit India, het Sanskriet. Meer dan 2000 jaar is deze taal zorgvuldig bewaard gebleven in het rituele taalgebruik van de Indische geleerden. Het Sanskriet bleek sterke gelijkenissen te vertonen met Grieks en Latijn. Daar kon maar één conclusie uit getrokken worden: alle drie hadden ze een gemeenschappelijke oorsprong. Tot de Indo-Europese taalgroep behoren de meeste Europese talen, zoals de Germaanse, Romaanse en Slavische talen, maar ook het Hindi, Sanskriet, Perzisch en Afghaans. Van de Europese talen vertoont het Litouws nog steeds een grotere mate van verwantschap met de oude Indo-europese taal. Het land lag altijd wat apart en werd b.v. net niet geraakt door de grote volksverhuizing en de vele latere oorlogen. Vandaar dat taalkundigen graag vergelijkingen maken met woorden uit het Litouws en ook in dit verhaal enkele malen ter vergelijking Litouwse woorden zullen worden aangehaald.
|